De filosofie van Hecate

De missie van Praktijk Hecate is het helpen van mensen met chronische klachten, die bij andere geneeswijzen -regulier en alternatief- niet voldoende baat vinden. Dit kan komen doordat er moeilijk een medisch objectiveerbare diagnose te stellen is, of -zoals bij auto-immuunziekten en ziekten met een subklinisch ontstekingsbeeld- geen eenduidig oorzaak-gevolg-verband aan te wijzen is.
Diagnosestelling is daarom een centraal aspect van de behandelwijze. Geen diagnose waarmee u bij een zorgverzekeraar aan kunt kloppen, maar één die u helpt de verantwoordelijkheid voor uw gezondheid in eigen handen te nemen. Met mischien een behandeltraject bij mij, misschien een doorverwijzing naar een collega die meer ervaring heeft met de behandelwijze die ú nodig heeft.

Verhalen over mineralen

Een centraal aandachtspunt binnen de filosofie ligt bij de mineraalhuishouding. Deze blijkt zodanig vaak en ernstig verstoord, dat het zin heeft om daar te beginnen. Het is een voordeel dat een snelle en betaalbare methoden bestaan door middel van mineralen haaranalyse, -urine en -bloedanalyse. Er wordt niet geheel onterecht een vraagteken gezet bij deze vorm van diagnostiek. Ik heb bij mijn ‘verdiepingstraject’ biochemie aan de universiteit Utrecht in het bijzonder aandacht gegeven aan deze tak van fysiologie en bijbehorende diagnostiek, en heb daarna in de literatuur de antwoorden gevonden over betrouwbaarheid ervan en de juiste methode om de resultaten te beoordelen. Eén van de bevindingen was, dat er vele ónjuiste methoden bestaan en uiteraard heeft elke diagnosemethode zijn sterke en zwakke kanten. Ik ken weinig methoden met een vergelijkbaar gunstige kosten/batenanalyse, leidend naar therapeutische aanbevelingen in overeenstemming met onze biologische natuur.

In tegenstelling tot meer gebruikelijke toepassing van de mineralenanalyse, namelijk aanvullen wat ‘laag’ is en uit het dieet halen wat te hoog lijkt, moet de aandacht gaan naar de mineralen in hun complexe onderlinge verhoudingen. Absolute waarden blijken minder interessant, de onderlinge balans tussen bijvoorbeeld koper en ijzer is veel belangrijker, maar dat geldt voor de meeste mineralen. Het aantal onderlinge beïnvloedingen is eindeloos, waarbij elke onbalans meerdere systemen kan ontregelen. Ook de vorm waarin een element gegeven wordt of in het lichaam aanwezig is, heeft een grote invloed. Wanneer er blokkades in de verwerking zijn, kan suppletie van een mineraal zelfs toxisch zijn, omdat het gestapeld wordt en vervolgens toxisch wordt. ‘Hoog’, ‘normaal’ of ‘laag’ zijn dus maar betrekkelijke waarden om suppletie op te baseren. Misschien is dat oneindig wijze lichaam wel bezig om u door afwijkende spiegels te beschermen tegen onheil. Zoals lage ijzerwaarden bij zwangerschap of bij stille chronische infecties. Maar daar hebben we het een andere keer over.

Systeemdenken als rugge(n)graat en leidraad

Uitgaand van de oude versie van deze website van ongeveer tien jaar geleden voor de nieuwe editie, merk ik hoe er een duicelijke verschuiving is ontstaan in de centrale zienswijze met betrekking tot ziekte en gezondheid. Waar oorspronkelijk de ontregeling van de stofwisseling en tekort of teveel aan bepaalde voedingsstoffen het centrale uitgangspunt waren voor diagnose en behandeling, is dit in de laatste jaren steeds verder uitgegroeid naar een totaalplaatje van alle stucturen, processen en metabolieten in het lichaam, waarbij ‘metabolieten’ staat voor alle (tussen)stoffen die ontstaan bij het stofwisselingsproces, van ingenomen voeding tot uitscheiding via een van de uitscheidingsorganen. Het belang van deze tussenstoffen en hun invloed op het functioneren van het geheel is van centraal belang. Onbegrensd ingewikkeld, maar er is geen ontkomen aan. Daarom is kPNI of functionele geneeskunde ook een betere omschrijving van de nieuwe geneeskunde die zich toelegt op alle functies en bijbehorende processen die bij het leven horen (in principe alle leven in de natuur), beter dan voedings- en leefstijlgeneeskunde, die eigenlijk een deelgebied op toepassingsniveau is, en daarom mogelijk zich minder intensief bezig houdt met de achterliggende mechanismen. Dit zien we ook in de gewone reguliere geneeskunde, die een toegepaste wetenschap is, waarbij het gevaar zich aandient dat het ‘stolt’ op protocollair niveau met verwaarlozing voor de individuele aanpassing